Een boom planten, een boek schrijven en een boot bouwen. Dat zijn de drie dingen die je volgens mijn vader eigenlijk minimaal moest doen in je leven. Bomen planten is gelukt, de mooie appelbomen die we in onze tuin plantten leveren al jaren nèt genoeg op voor één appeltaart per seizoen. En boeken heb ik ook wel genoeg geschreven, bij de laatste telling kwam ik uit op 19 stuks en er zijn er nog een paar in voorbereiding. Een boot bouwen is lastiger, je hebt er vooral ruimte voor nodig. De houten kano die ik samen met mijn vader bouwde paste in de werkplaats. Maar voor de boot die ik voor mijn kinderen bouwde had ik minder ruimte, zeg maar gerust géén ruimte. De bouw vond grotendeels buiten plaats. Het was een gek ding, zonder tekening gemaakt, een beetje op gevoel, zo moet een boot er uit zien.

Dit bootje bouwde ik ooit in mijn achtertuin. Zonder tekening maar wel naar voorbeeld van een roeibootje dat ik ergens in Engeland zag. Het larixhout buigen ging niet zomaar, daarvoor was een stoomoven nodig. De magnetron bood uitkomst, het te buigen hout even op 600 Watt verwarmen, buigen en afkoelen.
Het hout kwam van een zagerij, planken van drie meter. De boot zelf was twee meter zeventig, want de balken van de bouwmarkt waren niet langer dan dat. Het grote probleem was om het hout te vormen. Sommige stukken moesten namelijk krom worden om te passen. In de jachtbouw wordt daarvoor een stoomoven gebruikt. Het hout wordt heet en daardoor buigzaam. Zodra het afkoelt houdt het de vorm waarin het gebogen is. Een stoomoven had ik niet maar een magnetron wel. Een minuut op 600 Watt was voldoende om het hout op temperatuur te krijgen en te vormen. Zodoende een boot uit de magnetron. Alleen jammer dat die magnetron zo klein was.










